Diagnostische criteria volgens WHO 2022
Chronische fase (CP)
De volgende criteria zijn van toepassing:
- Leukocytose in het perifere bloed van de neutrofiele reeks over het volledige rijpingsspectrum
- Aanwezigheid van Philadelphia-chromosoom (t(9;22)(q34;q11)) en/of BCR::ABL1-translocatie
Chronische fase met hoog-risico kenmerken
≥1 van de volgende kenmerken zijn aanwezig:
- Hoge ELTS score
- 10-19% blasten in het perifere bloed en/of beenmerg
- ≥20% basofielen in het perifere bloed
- ≥1 additionele chromosomale afwijkingen in Philadelphia chromosoom-positieve (Ph+) cellen, omvattende:
- 3q26.2 herrangschikkingen
- Monosomie 7
- Trisomie 8
- 11q23 herrangschikkingen
- Isochromosoom 17q
- Trisomie 19
- Trisomie 21
- Additioneel Ph chromosoom*
- Complex karyotype, gedefinieerd als ≥2 additionele chromosomale afwijkingen
* Bewijs voor associatie additioneel Ph chromosoom met ziekteprogressie is minder duidelijk.
Blastenfase / blastencrisis (BC)
≥1 van de volgende kenmerken zijn aanwezig:
- ≥20% blasten in perifeer bloed of beenmerg
- Aanwezigheid van een extramedullaire blastenproliferatie
- Aanwezigheid van lymfoblasten in perifeer bloed of beenmerg#
# De richtlijncommissie van de NVvH adviseert >5% lymfoblasten in bloed of beenmerg aan te houden.
Ga terug naar de CML homepage of lees meer over CML:
- Diagnostiek
- Risicoclassificatie
- Respons criteria
- Behandeling
- Follow up
- Richtlijnen en literatuur
- Beheer en wijzigingenhistorie
Ga terug naar de algemene homepage Behandelprotocollen.