Home Behandelprotocollen Infectieprotocollen Diarree tijdens antibiotica gebruik

Doelgroep

Patiënten met waterdunne diarree zonder evidente verklaring, waar men Clostridium difficile wil uitsluiten als oorzaak.

Diagnostiek

PCR op faeces.

Medicatie

Voorspel de ernst van de Clostridium difficile infectie (CDI). Er is sprake van een ernstige CDI indien ≥2 van onderstaande criteria aanwezig zijn: 

  • Leeftijd >60 jaar
  • Temperatuur >38,3 °C
  • Leucocyten >15,0*109/l of <4,0*109/l
  • Albumine <35 g/l
  • CRP >150 mg/l
  • Ureum >11 mmol/l
  • Tachycardie >90/min

Er is ook sprake van een ernstige CDI indien bij endoscopisch onderzoek pseudo­membranen aanwezig zijn.  

Beleid:

  • Niet-ernstige CDI:
    • Metronidazol 3 dd 500 mg p.o. gedurende 10 dagen of
    • Vancomycine 4 dd 250 mg p.o. gedurende 10 dagen
  • Ernstige CDI:
    • Vancomycine 4 dd 250 mg p.o. gedurende 10 dagen (1e keus) of
    • Fidaxomicine 2 dd 200 mg p.o. gedurende 10 dagen (2e keus)
  • Ernstige CDI met ileus, megacolon, IC opname:
    • Metronidazol 3 dd 500 mg i.v. plus oraal (sonde) / rectaal (klysma) vancomycine 4 dd 500 mg
  • Recidiverende CDI:
    • Vancomycine of fidaxomicine. Overleg met microbioloog 

Er is nog geen plaats voor probiotica, faecestransplantatie of bezlotoxumab.

Klinische hematologische patiënten vallen op basis van bovenstaande criteria vaak in de categorie ernstige CDI. Klinisch zullen de meeste patiënten dan ook vancomycine krijgen.

 

Ga terug naar de Infectieprotocol homepage of lees meer over het infectieprotocol:

Ga terug naar de homepage Behandelprotocollen.