Wat houdt een beenmergonderzoek in?


In het beenmerg worden nieuwe bloedcellen gemaakt. Het is de fabriek van het bloed. Laboratorium­onderzoek van het beenmerg kan nodig zijn om vast te stellen of uit te sluiten dat er iets mis is met de aanmaak van het bloed. Beenmerg­­onderzoek kan ook uitgevoerd worden om het effect van een behandeling na te gaan.

Beloop van een beenmergpunctie

 
Beenmerg wordt afgenomen via een sternum­punctie of een crista­punctie. Bij een sternum­punctie ligt de patiënt op de rug en wordt er  beenmerg uit het borstbeen opgezogen. Bij een crista­punctie ligt de patiënt op de linker- of rechterzij en wordt het beenmerg uit het bekken opgezogen. Bij een crista­punctie kan er, indien nodig, ook direct een botpijpje (beenmergbiopt) worden afgenomen.
 
De plaats van de punctie wordt eerst goed verdoofd. Dat kan even pijnlijk zijn, omdat ook de buitenkant van het bot, het botvlies, verdoofd moet worden. Daarna zuigt de arts of physician assistant met een dunne naald wat beenmerg op uit het borstbeen of de bekken­kam. Dit opzuigen duurt een paar seconden en kan een vreemd gevoel geven. Als het beenmerg is afgenomen is dit gevoel weer weg.
 
Als er bij een crista­punctie ook een botpijpje afgenomen moet worden, dan wordt dit meteen gedaan in het verdoofde gebied. De arts of physician assistant gebruikt daarvoor een andere naald, die met een draaiende beweging in het beenmerg wordt gebracht. Dit kan een drukkend gevoel geven, maar meestal doet dit geen pijn.
 
Bij een beenmerg­onderzoek worden de cellen vergeleken met de cellen in het bloed. Daarom wordt er bij een beenmerg­punctie ook bloed afgenomen. 

Na de beenmergpunctie

 
De plek waar geprikt is, wordt afgeplakt met een pleister en/of gaasje. Het is belangrijk om dit wondje goed dicht te drukken, eventueel met behulp van een zandzakje, om bloedingen te voorkomen.
 
Voordat de patiënt naar huis gaat, wordt de prikplaats gecontroleerd. Na ongeveer 30 minuten is de verdoving uitgewerkt. Na een paar uur kan de pleister verwijderd worden. De patiënt mag zelf autorijden. Het is verstandig om pas de volgende dag te douchen.
 
Het is mogelijk dat er op de plek waar geprikt is een zeurende pijn optreedt of dat de plek een tijdje gevoelig blijft. Zo nodig kan hiervoor paracetamol ingenomen worden. Bij toenemende zwelling, bloeding of heftige pijn is het advies om contact op te nemen met het ziekenhuis.